De Wereldband kan met recht aangemerkt worden als de nieuwe Nederlandse muziektheatersensatie. De groep van zes hoogbegaafde multi-instrumentalisten bestaat weliswaar al twaalf jaar en begint nu aan haar vierde avondvullende productie, maar het lijkt er op dat muziek- en theaterminnend Nederland nu pas in de gaten gaat krijgen dat er iets heel bijzonders op de vaderlandse podia tot wasdom aan het komen is.
Mini en Maxi zijn niet meer, maar hun erfenis leeft voort in De Wereldband. Voeg er een vleugje Ashon Brothers aan toe en je hebt de Wereldband. Steeds weer is er humor en gekte maar alle kolder is gebaseerd op muzikaal vakmanschap.
Zes mannen met een heleboel instrumenten. Je zou een kakofonie van woest borrelende geluiden verwachten, maar de Wereldband weet wel 100 minuten lang met 99 instrumenten en niet allemaal tegelijk een prachtig ensemble te maken. Fantastische muzikanten die op een formidabele wijze instrumenten als violen, bas, sax, accordeon, tuba, trompet, trombone, gitaar, mondharp, mandoline, cymbaal, kalimba, cajon, klarinet en slagwerk bespelen. En niet te vergeten de vaak geweldige samenzang van de bandleden.
De heren hebben allemaal een conservatoriumopleiding achter de rug en elk van hen heeft een eigen specialisatie, van jazz tot Indiase muziek. De vaardigheid in de muziek is hen echter niet genoeg. De wijze waarop De Wereldband show en komedie met muziek combineert is grandioos. Muzikale virtuositeit gaat hand in hand met slapstick, satire en sentiment.